woensdag 20 maart 2013

over lanterfanten

of de noodzaak van nietsdoen...

Lanterfanten is een noodzaak

Tijdens het Feest van de Filosofie op 30 maart komt Tom Hodgkinson een lans breken voor de kunst van het nietsdoen: “Being idle is een voorwaarde voor een gelukkig en succesvol leven. En voor filosofie natuurlijk.”
Professioneel lanterfanter Hodgkinson (44) is auteur van vier boeken, uitgever van The Idler Magazine, columnist en vader van drie. Onlangs opende hij met zijn vrouw een boekhandel annex koffiehuis en o ja, hij kweekt ook nog zijn eigen groenten. Practise what you preach? “Die groenten, daar ben ik mee gestopt, dat is op een ongeziene ramp uitgedraaid (lacht). Ik sta honderd procent achter de idee dat nietsdoen nodig is, maar je kan het niet doorlopend in praktijk brengen.”
Tijdens het Feest van de Filosofie komt hij praten over ledigheid als voorwaarde om filosofie te bedrijven. “Ik heb het dan niet over sloth of gemakzucht, spirituele luiheid – dat is een doodzonde. Maar wel over luiheid in positieve zin: contemplatie, reflectie. Alle grote filosofen zagen dat als een voorwaarde voor een gelukkig leven en als een noodzaak om creatief te kunnen zijn. Aristoteles en zowat alle Griekse filosofische stromingen, Thomas van Aquino, … Niemand beschuldigde monniken die de halve dag in gebed waren verzonken ervan lui te zijn. Rousseau, Locke… Ook Nietzsche had een afkeer van het werkethos en benadrukte de nood aan rust.”
“Een mens heeft het nodig om af en toe wat langer in bed te blijven liggen, op een bankje te zitten zonder iets nuttigs te doen … Dat is vaak wanneer je de beste ideeën krijgt. Die je dan achteraf in praktijk moet brengen, dat is natuurlijk de paradox. Stel dat je jezelf wil bevrijden van het bestaan als loonslaaf en zelfstandige wordt, dan genereert dat weer een hoop werk. Je kan daarom hoogstens deeltijds idle zijn. Er zijn veel bekende lanterfanters geweest die tegelijk heel hard werkten en aartslui konden zijn: Samuel Johnson, die in de 18de eeuw de column The Idler schreef, kon rustig tot twee uur ’s middags in zijn bed liggen maar was tegelijkertijd geweldig productief. Of neem John Lennon, die de lof van het nietsdoen in vele liedjes bezong, maar niettemin heel ambitieus was.”
Uiltje vangen
(c) ingezonden
Tom Hodgkinson: "Mijn moeder zegt dat ik gewoon een manier heb gevonden om mijn eigen persoonlijkheid tot filosofie te verheffen."
(c) ingezonden
“Dit debat heeft altijd bestaan, maar is vandaag actueler dan ooit. Veel mensen voelen zich gevangen in de ratrace. Maar het is niet onmogelijk om te ontsnappen. In andere delen van de wereld zie je dat mensen zich zonder schuldgevoel overgeven aan nietsdoen; wij in onze contreien hebben meer last van een calvinistisch werkethos. Je kan dat afschudden als je je realiseert dat je door maatschappij en opvoeding geconditioneerd bent.”
“Ik zelf ben altijd geweest zoals ik ben. Op mijn vijfentwintigste stopte ik met me schuldig te voelen en startte ik met The Idler Magazine. Het heeft mijn dagelijkse leven alvast verbeterd! Mijn moeder zegt dat ik gewoon een manier heb gevonden om mijn eigen persoonlijkheid tot filosofie te verheffen (lacht)."
“Maar niet iedereen gaat zover om zijn job op te geven, op een boerderij te gaan wonen en zoveel mogelijk zelfbedruipend te worden. Met kleine dingen kom je soms ook al ver. Een behoorlijke lunchpauze nemen bijvoorbeeld. Daarin kan je een wandeling maken – ik raad absoluut aan om een uur per dag te wandelen: gratis en therapeutisch! Verken je eigen stad. Ga een kerk binnen. Of ga op een bankje zitten en staar gewoon een beetje voor je uit. Neem een notitieboekje mee om je observaties en gedachten neer te schrijven."
"Hou een nieuwsbreak en lees in plaats daarvan poëzie om je geest te verheffen – ook een goede tip voor op de trein trouwens. Veel mensen leven als een slaaf en hebben geen enkele controle over hun tijd: poëtische contemplatie kan helpen."
"En vooral: slaap meer! Ikzelf mik op negen of tien uur per etmaal. Ook dutjes zijn heel belangrijk, vooral als je een stressvol leven leidt: twintig minuutjes een uiltje vangen na de lunch kan heel gelukkig maken en een dam zijn tegen het deprimerende nine-to-five-bestaan.”
Interview: Ine Van Houdenhove 
Causerie ‘Laziness and philosophy’; why the best philosophers have praised idleness, from Aristotle to Nietzsche', 30 maart, 17u15, STUK, Labozaal 
Verder op het programma van het Feest van de Filosofie: debat, socratische gesprekken, filosofische stadswandeling,  lezingen, theatervoorstelling en film (STUK, vanaf 16u). Openingslezing door Giorgio Agamben (30CC/Schouwburg, 13u30). Info: www.feestvandefilosofie.be/

maandag 11 maart 2013

Over de 8 lessen uit Canadees onderwijs



Acht lessen uit Canadees onderwijs
Door Zeno,
11 March 2013
Acht punten kwamen telkens weer terug in de antwoorden van minister Pascal Smet (SP.A) op de kritische vragen van parlementsleden over zijn studiereis naar Canada.
De parlementsleden van de Commissie Onderwijs - die niet meegereisd waren naar Canada vorige maand - stelden een massa kritische vragen aan minister Pascal Smet over zijn studiereis naar twee Canadese deelstaten, Quebec en Ontario. Die zijn recent sterk opgeklommen in de Pisa-kwaliteitsrangschikkingen van onderwijsstelsels die de Oeso opstelt. Ze zijn Vlaanderen zelfs voorbijgestoken.
Acht lessen kwamen telkens terug in de antwoorden van de minister.
1. Grotere scholengroepen zoals in Canada zijn noodzakelijk om de leerlingen en de leerkrachten een beter kader aan te bieden en een sterkere leiding op te bouwen. Volgens de minister groeit dit inzicht ook in de onderwijskoepels. Hij belooft nog initiatieven voor het eind van de regeerperiode.
2. De grotere klassen (tot 30 à 35) die in Canada gebruikelijk zijn, wil de minister zeker niet zomaar overnemen - hij gaat zelf ‘niet ingrijpen’ - maar scholen die grote klassen willen invoeren, en de vrijgekomen leraars inzetten voor begeleiding, hebben zijn morele steun. Canada bewijst trouwens dat grote klassen kunnen samengaan met meer individuele begeleiding van leerlingen als de leraars daarvoor geschoold zijn.Onderzoek bewijst dat kleinere klassen geen beter onderwijs garanderen, maar dat gaat in tegen het buikgevoel in Vlaanderen, zegt de minister.
3. Lerarenopleiding. Afgestudeerde leraars krijgen intense aanvangsbegeleiding in Ontario en Quebec, en heel hun loopbaan door worden ze sterk begeleid, onder meer bij elke hervorming. De minister ‘gaat na hoe dat bij ons kan geïntegreerd worden.'
Hij kreeg het verwijt bij zijn aantreden de mentoren voor de begeleiding van nieuwe leraars, afgeschaft te hebben.
4. De onthaalklas is in Quebec hét middel om de grote verscheidenheid aan immigrerende leerlingen zo snel mogelijk Frans te laten leren. Smet zou graag zien dat bij ons ook duidelijker daarvoor gekozen wordt; een nieuwe debat is nodig als hij de grote terughoudendheid van anderen wil wegwerken daarvoor.
5. Domeinscholen. Ontario en Quebec hebben op secundair niveau de ‘domeinscholen’ waarvan men hier droomt. Die idee zal zeker vorm krijgen in de hervorming van het middelbaar onderwijs. Als het onderscheid tussen algemeen, technisch en beroepsonderwijs verdwijnt, kan men de opleidingen hergroeperen per domein: wetenschap en techniek, zorg, taal, kunst. In Maaseik en Antwerpen zijn er al zo’n projecten.
6. Variatie. Canadese leerlingen kunnen in het middelbaar onderwijs veel meer uiteenlopende keuzes zelf maken. De minister ontmoette bijvoorbeeld een leerlinge die zich voorbereidde op academische studies maar die ook het onderdeel ‘loodgieterij’ volgde. ‘Moet kunnen’, zei de minister, maar hoe dat in te passen in ons systeem, is nog niet geweten.
7. Doodlopende straatjes in het onderwijssyteem, dat is wat de Canadezen vermijden. Geen opleidingen die geen bruikbare diploma’s afleveren, en zo weinig mogelijk jongeren die zonder diploma de school verlaten. Die laatste groep is in Canada door volgehouden beleid teruggeschroefd tot 20 procent. Vlaanderen doet beter, 15 procent, maar de tendens is stijgend bij ons. 
8. Klare doelstellingen en veel meten. Dé les van Canada is dat onderwijshervormingen klare doelstellingen moeten hebben (bijvoorbeeld meer leerlingen betere resultaten laten bereiken en de kloof tussen sterken en zwakken doen krimpen) en dat er intens getest en gemeten moet worden om te zien of men de doelen gereikt. Smet zegt dat hij bezig is die meetinstrumenten in Vlaanderen ook uit te bouwen.

Negende
Over een negende doelstelling botste de minister met het Parlement, inzonderheid met de liberale fractie ervan. Parlementslid Fientje Moerman verweet de minister niets geleerd te hebben over het taalbadonderwijs (onderwijs volgen in een andere dan de moedertaal) dat in Canada grote opgang maakt. (Ze is zelf experte daarin sinds ze er een academische thesis over maakte.)


zaterdag 2 maart 2013

Over 8 mythes over het onderwijs

welles - nietes --- Iedereen wil gelijk hebben.... maar 't is maar hoe je het bekijkt...
Hier weer zo'n onderzoek naar: wat is waar en niet waar....

Acht hardnekkige mythes over het onderwijs

Jongens zijn echt niet beter in wiskunde dan meisjes. Zittenblijven werkt alleen contraproductief. En hoe meer technologie op school, hoe minder prettig voor de studenten. Pedagoog Pedro De Bruyckere ontkracht in zijn nieuwe boek Jongens zijn slimmer dan meisjes een resem hardnekkige mythes over het onderwijs. Enkele voorbeelden. Hebt u een auditief of een visueel geheugen? Vergeet dat soort categorieën, er bestaat niet zoiets als een ‘leerstijl’. Het heeft dus ook geen zin dat leerkrachten hun lessen aanpassen aan de vermeende leerstijlen van hun leerlingen.
Lekker brainstormen. Brainstormen is een van de minst effectieve methodes om een goede, creatieve oplossing te vinden. Het werkt veel beter als de deelnemers eerst apart aan ideeën werken en die nadien aan elkaar voorleggen.
Jong talen leren. Er zijn periodes waarin een kind ‘een grote gevoeligheid’ heeft om een taal te leren, maar dat kan zeker ook nog op latere leeftijd. 
Bijna niemand kan multitasken. Nieuwe media leren kinderen ook niet om verschillende dingen tegelijk te doen.
Klassieke muziek maakt baby’s niet slimmer.
Beter presteren onder stress. Het klopt niet dat we het helderst denken als we onder druk staan. Angst heeft een negatief effect op hoe kinderen op school presteren. Tempotoetsen (tegen de tijd) zijn dus geen goed idee.
‘De jeugd leest niet meer’. Klopt niet. Er wordt minder gelezen, maar nog altijd twee op de drie jongeren nemen dagelijks voor hun plezier een boek ter hand.
Juf of meester? Voor de cognitieve prestaties van jongens maakt het niet uit of ze les krijgen van een vrouw of van een man. Vrouwelijke leerkrachten hebben geen negatieve invloed op de leerprestaties van jongens. Omgekeerd hebben meisjes geen voordeel bij vrouwelijke leerkrachten in het wiskundeonderwijs.


bron: www.knack.be

donderdag 21 februari 2013

Over geeuwen...

Over het raadsel van de geeuw

 

 


Gapende apen steken elkaar aan


Waarom is geeuwen zo besmettelijk? Niemand die het weet. Tot voor kort werd gedacht dat alleen mensen last hebben van het fenomeen, nu blijkt dat ook makaken hun kaken niet op elkaar kunnen houden als ze een soortgenoot zien gapen. Maar misschien is dat vooral uit angst.
Wees gewaarschuwd: geeuwen is besmettelijk. Zo erg zelfs dat erover lezen al kan leiden tot een bijna niet te onderdrukken neiging om je mond open te sperren en langzaam, diep in te ademen. Hoewel de gaapreflex wijd verbreid is in het dierenrijk, gingen wetenschappers er tot vorig jaar van uit dat de aanstekelijkheid ervan alleen voor mensen geldt. Het zou een groot inlevingsvermogen vergen, iets waaraan het dieren ontbreekt. Maar chimpansees zijn ook nagapers, bleek vorig jaar. En nu blijkt dat makaken zich eveneens laten beïnvloeden door geeuwende soortgenoten. In het vakblad Biology Letters beschrijven de psychologen Annika Paukner en James Anderson hun onderzoek bij beermakaken in gevangenschap. Ze filmden de beesten eerst tijdens hun dagelijkse bezigheden. Uit die beelden stelden ze twee filmpjes samen: één waarop tien apen na elkaar een flinke geeuw ten beste gaven en eentje met tien andere mondbewegingen. Met die filmpjes togen de onderzoekers opnieuw naar het apenverblijf. Ze lieten de beelden aan 22 verschillende apen zien en legden hun reacties met een camera vast. “We hadden verwacht dat hun gaapgedrag niet beïnvloed zou worden”, vertelt Paukner. “Het inlevingsvermogen van makaken is namelijk minder ver ontwikkeld dan dat van chimpansees.” Maar de uitkomst was duidelijk: de gaapvideo lokte gemiddeld 4,3 geeuwen uit en de andere maar 2,4. De kans dat dit toevallig zo uitkwam, was niet groter dan 2 procent. De conclusie dat het gedrag werd gekopieerd lag dus voor de hand. Maar er was nog iets. De apen krabden zich vaker als ze de gaapvideo zagen. En krabben geldt als een signaal dat op stress kan wijzen, aldus Paukner. “We durven nu niet met zekerheid te zeggen dat makaken vatbaar zijn voor de aanstekelijkheid van geeuwen, tenminste: niet op dezelfde manier als mensen. Een opengesperde mond kan namelijk ook een dreigsignaal zijn. Vooral dominante mannetjes doen dat, en ze kunnen met hun grote hoektanden erg bedreigend overkomen. We merkten pas na afloop van de proeven op, dat zes van de tien geeuwen in het filmpje van een mannetje waren, terwijl in het controlefilmpje maar één keer een mannetje voorkwam.” Misschien hebben de apen de opengesperde monden in de film dus verkeerd geïnterpreteerd. In dat geval gingen ze meer geeuwen omdat ze zich angstig voelden, en niet omdat ze zich inleefden in hun soortgenoot op het beeldscherm. Van mensen is ook bekend dat angst geeuwbevorderend werkt. Soldaten die naar het front moeten, geeuwen bijvoorbeeld heel wat af. Is het onderzoek dus mislukt? Nee, vindt Paukner, die er inmiddels ook op is gepromoveerd. “Dit is een goede basis voor vervolgonderzoek. Wij willen dat graag doen, maar het geld ervoor moeten we nog zien te krijgen. Het is belangrijk dat dit gebeurt. Niet alleen omdat geeuwen zulk intrigerend gedrag is, maar vooral het ons meer kan vertellen over het inlevingsvermogen van verschillende apensoorten.” Tot slot: waarom houdt een psycholoog zich eigenlijk bezig met apen? Paukner: “Ik ben gespecialiseerd in de vergelijkende psychologie. Ik vergelijk het gedrag van mensen en dieren, eigenlijk alleen apen en mensapen. Of mijn beeld van apen daardoor veranderd is? Ha, nee, niet echt, maar dat van mensen wel. Hoe? Eh, hoe zeg ik dat netjes… we hebben veel meer met elkaar gemeen dan ik vroeger dacht.” Elmar Veerman Annika Paukner en James R. Anderson: “Video-induced yawning in stumptail macaques (Macaca arctoides)”, Biology Letters, 7 december 2005 
bron:  http://www.wetenschap24.nl/nieuws/artikelen/2005/december/Het-raadsel-van-de-geeuw.html

woensdag 6 februari 2013

over kinderen die om kunst vragen

... al van in 2010 vragen deze Nederlands kinderen om kunst...
En nu zijn we 2013 en in Vlaanderen en wat blijkt?
't Is meer dan ooit actueel en wie wil er even naar hen luisteren?








Kinderen hebben kunst nodig om te groeien, om verder te kijken dan hun neus lang is en om creativiteit te ontwikkelen. Naast alle sociale en economische factoren die ons leven bepalen, is het vooral de cultuur die ons verbindt. In het theater kunnen kinderen zich herkennen en tegelijk ontwikkelen ze het vermogen zich te verplaatsen in een ander. De kennismaking met de 'vreemde' wereld van de kunst stimuleert ook een creatieve benadering van vraagstukken.

De gesubsidieerde jeugdtheater en -dansgezelschappen maken zich grote zorgen over de gevolgen voor kinderen van op handen zijnde bezuinigingen op kunst en cultuur.
Ruim 50% van de gesubsidieerde voorstellingen voor de jeugd worden speciaal voor scholen gespeeld, waarbij de leerlingen een kunsteducatief programma krijgen.
Hierdoor komen honderdduizenden kinderen uit alle windstreken en lagen van de Nederlandse bevolking in aanraking met kunst.
Deze belangrijke functie komt wellicht de komende jaren hevig onder druk te staan. Daarom is er namens deze gezelschappen het filmpje gemaakt:
'kinderen vragen om kunst'.

Wat dreigt er?
• afschaffing van de Cultuurkaart, die het theater voor jongeren en scholen aantoonbaar toegankelijker maakt
• een BTW verhoging waardoor theater 13% duurder wordt voor publiek, theaters en scholen (scholen kunnen geen btw terugvragen)
• opheffing van een aantal jeugdtheatergezelschappen, terwijl de budgetten gezien het aantal kinderen in Nederland nu al laag zijn
• een vermindering van het draagvlak voor de kunsten in de toekomst omdat kinderen niet meer "leren proeven"
• een samenleving waarin kinderen niet worden aangesproken op hun verbeeldingskracht

HELP DAT VOORKOMEN

Namens de gesubsidieerde jeugdtheater en -dansgezelschappen in Nederland

Klik hier voor een link en test je muzische grondhouding

dinsdag 11 december 2012

over knoeien, prutsen en sporen maken

Een andere kijk op creativiteit...
AANRADER !




Als kinderen 'mooi tekenen' vinden we dat prachtig. Maar de eerste jaren 'krassen ze alleen maar'. Veel volwassenen begrijpen niet wat kinderen aan het doen zijn als ze krassen, smeren of eindeloze lijnen trekken. Of waarom oudere kinderen vaak moeilijk te motiveren zijn om te gaan tekenen of schilderen? net zoals veel volwassenen trouwens.

Dit praktijkboek richt zich tot volwassenen die graag 'iets creatiefs willen doen' met kinderen, maar duidelijk weg willen van kleurplaten en uniforme knutselwerkjes. Die zich afvragen hoe je dat aanpakt zonder dat je het gevoel hebt kinderen te moeten entertainen. De auteurs bieden eenvoudig en uitdagend materiaal waarmee je zonder voorbeeld of thema direct met kinderen aan de slag kunt gaan. Er zijn talloze voor de hand liggende en verrijkende mogelijkheden die niet veel voorbereiding vragen en bovendien weinig kosten. Het enige dat je ervoor nodig hebt, is een andere houding naar kinderen toe.

Met dit boek zetten de auteurs zich af tegen het traditionele themagerichte knutselen, waarbij
een volwassene laat zien hoe het moet. Het toont vooral de essentie van creëren: concentratie en zelfontdekkend leren. Met prachtige beelden en een praktische tekst biedt dit boek thuis, op school en in kindercentra inspiratie, visie en handvaten voor de begeleiding van creatieve processen, opdat kinderen zich ontwikkelen tot creatieve, zelfstandige mensen.

'Een uitstekend boek dat zich richt op creatieve activiteiten, óók voor jongens,? juist voor jongens!'
prof.dr. L.W.C. (Louis) Tavecchio, emeritus hoogleraar pedagogiek bij de UvA.

'Een kind speelt omdat het léúk is om te spelen. Wat de rol van de volwassene daarbij is, staat in dit boek helder en inspirerend beschreven.'
Marianne de Valck, adviseur kinderopvang



































bestelbaar : http://www.bol.com/nl/p/begrijpen-met-je-handen/9200000008946326/?Referrer=ADVNLGOT0020089200000008946326


Nog meer info en tips over het begeleiden van beeld bij kleuters... klik hier